Na het overlijden van haar echtgenoot bij een auto-ongeluk vertrekt de jonge weduwe Shin-Ae met haar zoontje naar de provinciestad Miryang, de geboorteplaats van haar overleden man. Ze begint een pianoschool en probeert langzaam te wennen aan haar nieuwe buren, een nieuwe stad en een nieuw bestaan. Intussen wordt ze benaderd door een groep christenen met bekeringsdrift en maakt ze kennis met een verlegen garagehouder die een oogje op haar heeft. Dan slaat het noodlot nog eens toe in het leven van Shin-Ae en nemen heftige emoties bezit van de jonge vrouw, die noch in het geloof noch in andere mensen haar redding vindt. Haar zoektocht naar verlossing kan niet anders leiden dan naar de diepten van het eigen innerlijk.