Amsterdam, Vertigo, maandag 11 mei 2009
Regisseuse Jiska Rickels, die in haar '4 Elements' uit 2006 op intrigerende wijze de relatie onderzocht tussen de mens en de elementen aarde, vuur, water, en lucht, en nu een prachtige documentaire heeft gemaakt over een oude Indiase sjamaan genaamd Babaji, houdt ervan om de kijker te prikkelen, zo vertelt ze in gesprek met Movie 2 Movie.
Zo kiest Rickels er zonder moeite voor om in 'Babaji' een muziekstuk van enkele minuten onafgebroken te tonen, met als risico dat de kijker het te lang vindt duren en terug wil naar het verhaal. "Het is niet slecht als de kijker ongeduldig wordt en verder wil," stelt ze. "Ik heb er ook heel bewust voor gekozen om in het begin allerlei mensen over Babaji aan het woord te laten zonder hemzelf te tonen. En dan komt er dus ook nog een muziekstuk van zo’n tweeënhalve minuut voorbij, voordat je uiteindelijk bij hem terechtkomt. Ik vind het wel spannend om de mensen een beetje te prikkelen."
|
"Ik ben niet iemand die het publiek heel erg bij de hand neemt, die alles voorkauwt," vervolgt Rickels. "Bij bepaalde dingen mag je zelf je gedachten vormen, invullen, verbanden leggen. Dat vind ik zelf ook spannend in films." Het is vanwege deze filosofie dat de filmmaakster en producent Jos de Putter aanvankelijk een vorm voor de film hadden bedacht die puur observerend zou zijn; oftewel zonder commentaar en interviews, net zoals in '4 Elements'. Maar het liep anders. "Toen ik daar aankwam besefte ik dat deze film echt om interviews vraagt. Ook door de manier waarop de journalist ter plekke erover vertelt: 'Ik heb een ster ontdekt en nu ben ik zelf een ster.' En door interviews te gebruiken kom je dichter bij de man. Anders zou hij toch voor veel mensen een beetje als een vreemde paradijsvogel kunnen overkomen," stelt Rickels.
Want een beetje vreemd is het wel. De 107(!) jaar oude hindoeïstische sjamaan Babaji heeft namelijk alvast zijn eigen graf gegraven, waar hij dagelijks in gaat liggen ter voorbereiding op zijn sterfdag, wanneer hij herenigd zal worden met zijn geliefde vrouw. Dit wonderlijke verhaal sprak natuurlijk tot de verbeelding van Rickels, die hierover benaderd werd door filmmaker en producent Jos de Putter. "Ik hoorde erover via een krantenbericht over Babaji, dat Jos had gelezen. Hij vond het heel intrigerend maar had zelf geen tijd, want hij was bezig met een eigen film ('Beyond the Game'). Daarom wilde hij graag dat ik de film zou maken," legt Rickels uit.
|
 |
"Toen ik dat artikel las, dacht ik 'Jezus, wat is dit?'. Ik vond het al heel fascinerend. Om te beginnen zijn graven daar heel ongebruikelijk, zeker voor een hindoe. Maar waarom gaat iemand nu in zijn eigen graf liggen? Dat is luguber en raar. Dus dat is een heel spannend onderwerp. En ook dat hij het uit liefde doet. Dat hij het verlangen heeft naar de dood om zijn vrouw weer te zien. Dat sprak me heel erg aan." Ondanks zijn verlangen naar de dood bleek Babaji verrassend genoeg geen neerslachtige man te zijn. "Ik had een heel ander beeld van hem. Ik dacht: 'het zal wel een hele trieste, oude man zijn, maar hij had heel veel pit en hij straalde ook heel veel vreugde uit. Het was niet alleen treurnis." Een krakkemikkig, krom lopend mannetje is hij ook al niet. "Hij loopt heel snel," vertelt Rickels. "Wij moesten er met onze ploeg soms echt achteraan hollen om hem bij te houden."
Babaji had op zijn leeftijd gelukkig geen moeite om, dertig dagen lang, met de filmploeg om te gaan en door te brengen, al kon hij natuurlijk niet non-stop doorgaan. "Het is echt zo'n energie-ding. Hij kan sprints trekken, maar dan moet hij wel weer uitrusten. We hebben interviews gedaan in de zon op de rand van een put, en dan moesten we echt een half uur, veertig minuten maximaal rekenen. Dan moet hij rusten, want anders gaat hij dingen door elkaar halen en hele rare zinnen maken. Dat heb je natuurlijk wel met oudere mensen."
Maar de oude man was over het algemeen erg open en meteen bereid om mee te werken. Van beide kanten bleek er een klik te zijn. "Ja, dat was heel opvallend. We waren via via bij zijn huisje terechtgekomen en eerst was er alleen een dorpeling - een beetje een gladde gast - die allerlei rare verhalen ging ophouden, dat Babaji mensenvlees gegeten zou hebben bijvoorbeeld. Dus toen stonden wij elkaar daar een beetje aan te kijken op dat erf, niet wetend wat voor type we zouden tegenkomen; we hadden ook geen idee hoe hij eruit zag. Uiteindelijk kwam Babaji het erf opgelopen, zo tenger als hij is, en er was meteen wederzijdse interesse. En dat vond ik heel verbazingwekkend, voor iemand die zo aan het treuren is. Ik vond het opvallend dat hij ons zo dichtbij heeft laten komen en dat we zelfs in zijn graf konden liggen."
Natuurlijk is het onderwerp van de dood en eindigheid dan onvermijdelijk, hoe zwaar het ook is, en Rickels heeft de man hier uiteraard naar gevraagd. "Hij is ervan overtuigd dat hij als mens zal terugkomen. Maar hij heeft geen angst voor de dood en weet zeker dat wanneer hij zal sterven, hij zijn vrouw en al zijn voorouders weer tegen zal komen. En hij kijkt ook uit naar die dag, al zal hij geen eind aan zijn leven maken. Hij heeft wel een keer zijn lichaam willen uitputten door niet meer te eten, maar is hier niet in geslaagd. Maar hij geniet nog zeker van het leven," is Rickels van mening. "Ik had ook van tevoren gedacht dat het een hele grijze film zou worden, maar het is juist een hele kleurrijke film geworden. Enerzijds omdat India kleurrijk is, maar ook omdat er allemaal karakters bij zijn gekomen, die mede zijn leven vertellen."
Babaji zelf is misschien nog wel de kleurrijkste persoon. En ondanks de soms wat gebrekkige verbale communicatie door tussenkomst van een tolk, wist de regisseuse toch een soort band met hem te ontwikkelen. "Ja, je hebt eigenlijk toch weinig woorden daarvoor nodig. Dat is wel opvallend. Dat had ik als kind, toen ik in een wijk in Best woonde, en met allerlei mensen omging die bij Philips werkte. Mensen uit Zweden en Japan, bijvoorbeeld. Als kind heb je daar sowieso geen moeite mee, want je praat met iedereen en met handen en voeten, maar met die mensen kon ik prima communiceren. Nog steeds heb ik dat. Je voelt heel snel of je iemand mag of niet, en of er vertrouwen is of niet."
Dat er wederzijdse sympathie was en lol zonder tussenkomst van taal, blijkt uit een leuke anekdote van Rickels: "Hij probeerde met ons te communiceren, ook met zijn mobieltje, waar hij alleen maar liedjes mee kan afspelen. Hij heeft dat ding altijd bij zich en is er altijd mee bezig. En dan liet hij er een liedje op horen en hield hij het naar mij gericht, wat betekende dat ik moest dansen. Dus dan ging ik een dansje doen, en op een gegeven moment gebeurde het iedere dag en met heel veel mensen erbij. Als een soort marionet trad ik zo steeds op. En dan zat hij daar te genieten met zo'n stralende lach." Toch eeuwig zonde dat dit niet in de film terecht is gekomen. Zo'n oude, lichtelijk ondeugende sjamaan, die breed lachend naar een dansende Rickels kijkt. Maar er moet natuurlijk wel een verhaal verteld worden.
Was de filmmaakster zelf eigenlijk sceptisch ten opzichte van het vermeende sjamanisme van Babaji? Dacht ze misschien niet dat het alleen maar hocus pocus was? "Nee, want ik geloof ook echt dat hij die gaven heeft. Zo had onze camera-assistent heel veel uitslag op zijn been en Babaji had toen een kruidenmengsel op zijn been gedaan en een paar dagen later was het weg. En hij heeft bijvoorbeeld ook metalen cocons waar hij geesten in vangt en daar was ik wel een beetje voorzichtig mee. Zo bijgelovig ben ik dan ook weer. Die ging ik niet zomaar verplaatsen of openmaken bijvoorbeeld."
|
 |
In tegenstelling tot haar vorige film '4 Elements', die puur observerend was, heeft Rickels voor 'Babaji' veel interviews moeten houden. "Dat vond ik wel een verademing, eerlijk gezegd," verklaart ze. "Ik vond het ook leuk om ermee te spelen in de montage, wat ik sowieso het mooiste proces van filmmaken vind. Maar deze film vereiste wel een voorzichtigere aanpak dan '4 Elements'. We hadden bijvoorbeeld wel veel meer interviews en sfeerbeelden geschoten, maar we moesten erg uitkijken dat we niet te ver bij Babaji weg zouden gaan. Ook de geluidsmontage kon daarom niet al te experimenteel zijn. Het moet uiteindelijk om de gedachtes van Babaji gaan en niet om die van de maker."
Het is duidelijk dat Rickels heldere, interessante ideeën heeft over hoe haar films eruit moeten zien en wat ze moeten communiceren. Het maakt nu alweer erg benieuwd naar haar volgende project, dat een hele uitdaging lijkt te gaan worden; een film die niet minder ambitieus is dan '4 Elements'. Het gaat om een film over geluid. "Ik ben een film aan het researchen over geluid en klank. Over de werking van muziek en omgevingsgeluiden en hoe de mens hier mee omgaat. Het draait mede om de onderlinge verhoudingen van planeten en sterren en de muzikale harmonie hiervan. Dat afstanden tussen sterren vergeleken kunnen worden met een muzikale kwint, bijvoorbeeld. En hoe alles wat in beweging is, een bepaalde klank maakt. Die klanken zouden onbewust op ons door kunnen werken, met als resultaat dat onze muziek een weerspiegeling van die klanken is. Ook interessant zijn klanken in de natuur. Zo is er een componist in Zwitserland die onderzoek heeft gedaan naar bergbeekjes en erachter is gekomen dat ze allemaal in 'c-dur' klinken. En hard stromend water, van watervallen dus, in 'f'." Als dat geen intrigerend onderwerp is om je tanden in te zetten. Maar we zullen hier nog wel even op moeten wachten. Voorlopig kunnen we nog een tijdje genieten van 'Babaji', die het al goed doet op festivals en bij critici. De film heeft de 'Regard Neuf'-prijs gewonnen op het filmfestival van Lyon en ook de Hindoestaanse gemeenschap in Nederland schijnt erg enthousiast te zijn. Het is daarnaast natuurlijk interessant om te zien hoe de film het in India zal gaan doen, waar de film ook op een festival terecht zal komen.
In Nederland zal het ongetwijfeld ook goed komen met 'Babaji', al is het de vraag of Rickels hier wel weer kan aarden na die maand filmen in India. "In het buitenland heb ik eigenlijk nooit een cultuurschok," zegt Rickels. "Die krijg ik pas als ik terugkom in Nederland. Dan vraag ik me af waarom hier alles zo anders is. We hebben hier zo weinig rituelen, bijvoorbeeld. Ook met muziek. We doen hier wat met Sinterklaas, bruiloften, begrafenissen, maar in India is het hele leven doordrongen van rituelen." Misschien dat Rickels daarom maar voor een jaartje naar Berlijn is verhuisd. Bij een nieuwsgierige filmmaker als zij zit de behoefte aan nieuwe indrukken natuurlijk in het bloed. Daar hebben we al die interessante films aan te danken. Blijven reizen dus, Jiska, en vergeet die camera niet!
Tekst en foto's: Bart Rietvink |