In het kader van het uitbrengen van ‘Belle toujours’ op 13 september, dat gezien mag worden als het eerbetoon aan Luis Buñuels geruchtmakende film ‘Belle de jour’ (1967) , brengt het Filmmuseum nieuwe kopieën van dit meesterwerk in roulatie. In ‘Belle de jour’ speelt Catherine Deneuve op uitmuntende wijze de rol van een zich vervelende huisvrouw. Séverine Serizy besluit, enigszins schoorvoetend, enkele middagen in de week te gaan werken als prostituee, terwijl haar man, die het respectabele beroep van arts beoefent, op zijn werk is. ‘Huisvriend’ Henri Husson (Michel Piccoli) loodst haar dit leven in, omdat hij het Parijse luxebordeel uit eigen ervaring kent. Séverine begint een dubbelleven, en de combinatie hoer en huisvrouw bevalt haar goed. Uiteraard kan dit niet lang goed gaan. Buñuel (1900-1983) was een surrealist in hart en nieren. De Spaanse cineast maakte al op 28-jarige leeftijd het beroemde ‘Un chien andalou’ met Salvador Dali, die hij tijdens zijn universitaire studie ontmoette. Halverwege de jaren zestig verhuisde hij van Mexico naar Frankrijk, waarna films als ‘Belle de jour’ en ‘Le charme discret de la bourgeoisie’ volgden. De regisseur was al 67 toen hij de film inblikte en ‘Belle de jour’ zou zijn grootste commerciële succes worden. Naar eigen zeggen lag dat meer aan “de schitterende hoeren dan aan mijn regie”. Joseph Kessel schreef de roman waarop Buňuel zijn film baseerde. De film beweegt zich tussen droom en werkelijkheid, de (sado masochistische) fantasieën waaraan Séverine zich overgeeft worden prachtig in beeld gebracht. De film is elegant tot in de puntjes; een erotische film zonder expliciete seksscènes, is iets dat tegenwoordig geen enkele regisseur nog schijnt te kunnen maken. Toch wordt ‘Belle de jour’ – en misschien juist wel daarom – nog steeds gezien als een van de meest erotische films ooit. Niet alleen de seksuele uitspattingen worden aan de fantasie van de kijker overgelaten, Buñuel laat ook meer dan genoeg ruimte over aan het publiek voor interpretatie van de andere gebeurtenissen. In 2008 herdenkt het Filmmuseum Buñuels 25ste sterfjaar. Op het programma staan zowel bekende als minder bekende Buñuel-titels, waaronder ook producties uit zijn Mexicaanse periode, zoals bijvoorbeeld ‘Los olvidados’ (1950) en ‘Nazarin’ (1959). Voor wie hierop niet kan wachten is het brengen van een bezoekje aan 'Belle de jour' natuurlijk een uitgelezen mogelijkheid. |