‘Stellet Licht' is alweer de derde speelfilm van regisseur/scenarist Carlos Reygadas. De vorige films van de Mexicaan gingen niet onopgemerkt voorbij. Debuut ‘Japón' werd bij de première in Cannes lovend ontvangen, waarna een zegetocht volgde op festivals als Edinburgh, Bratislava en Havanna. Opvolger ‘Batalla en el cielo' herinneren we ons vooral door de beroering die hij wekte vanwege de expliciete, soms wat onsmakelijke, seksscènes. Ondanks alle controverse en de matige kritieken sleepte de film in Cannes een nominatie binnen voor de Gouden Palm. ‘Stellet Licht', inmiddels winnaar van vele prijzen waaronder de juryprijs in Cannes, is een film met een Nederlands tintje. Het verhaal speelt zich af in een kolonie van (oorspronkelijk) Noord Europese Mennonieten in Mexico. Die Mennonieten, volgelingen van de Friese priester Menno Simons (1496- 1561), zien er niet alleen uit als Hollandse kaaskoppen maar spreken ook een taal (Plautdietsch) die ergens tussen Nederlands en Duits in zit. Om de Hollandse connectie rond te maken, werd de film deels geproduceerd door de Nederlandse productiemaatschappij Motel Films. Afgaand op de beelden en de informatie die er tot dusver voorhanden is, past ‘Stellet Licht' prima in het oeuvre van Reygadas. Enkele typische kenmerken van de regisseur duiken hier weer op (niet-professionele acteurs, traag tempo, tegelijk strakke en overweldigende visuals), terwijl het openingsshot van een zes minuten durende zonsopgang opnieuw laat zien dat de eigenzinnige Reygadas geen enkele moeite doet zijn publiek te behagen. In één opzicht zou die eigenzinnigheid Reygadas nog wel eens kunnen opbreken. In tegenstelling tot zijn landgenoten Cuarón (‘Children of Men') en Inárritu (‘21 Grams', ‘Babel'), die hun scenario's (deels) uitbesteden aan anderen, schrijft Reygadas de scenario's helemaal zelf. Dat leverde in ‘Batalla en el cielo' al een gekunsteld en veel te pretentieus verhaal op, en ook in ‘Stellet Licht' lijkt het verhaal de grote zwakte van de film. Hoewel het decor en de hoofdpersonages een fascinerend en contrastrijk schouwspel zullen opleveren, komt het verhaal nogal uitgekauwd over. Overspel, religie, schuld en boete zijn al niet de meest originele onderwerpen, en het lijkt erop alsof Reygadas weinig nieuws heeft weten toe te voegen aan de enorme stapel verhalen over dit onderwerp. Hoewel de tot dusver verschenen recensies redelijk positief zijn, hebben de meeste critici wel wat te klagen over dat verhaal. Sommige recensenten hebben ook wat moeite met de niet-professionele acteurs, die zonder enige expressie diepe en intense gevoelens proberen uit te beelden. Daarnaast valt de meeste recensenten de gelijkenis van deze film op met ‘Ordet' (1955) van Carl Theodor Dreyer. Dat Carlos Reygadas in één adem wordt genoemd met die beroemde Deen is misschien wat te veel eer, maar dat de Mexicaan één van de grootste talenten is in filmland zullen weinigen tegenspreken. Een meesterwerk zal er vast nog wel van komen. |