Lisandro Alonso (Buenos Aires, 1975) is een natuurtalent. Nog tijdens zijn studie aan de filmacademie regisseerde hij samen met Catriel Vildosola de korte film 'Dos en la Vereda' (1995). Vervolgens werkte hij als assistent-geluidstechnicus mee aan enkele korte films. Aan de zijde van regisseur Nicolás Sarquis voltooide Alonso 'Sobre la Tierra' (1998). Het zou daarna nog drie jaar duren voor hij zijn eerste eigen speelfilm volbracht. Zijn debuut was overdonderend; 'La Libertad' (2001) ontving wereldwijd verschillende prijzen, waaronder de FIPRESCI-prijs van de internationale filmkritiek van het International Film Festival van Rotterdam. 'Los Muertos' (2004) en 'Fantasma' (2006) volgden. Ook die films kregen veel bijval van de pers. Inmiddels is Alonso toe aan zijn vierde speelfilm. 'Liverpool' (2008) is net als zijn voorgangers minimalistisch en verstild, met lang aangehouden shots. Het prachtige Patagonië, dat als decor diende voor de film, levert alvast oogverblindende plaatjes op.
'Liverpool' beschrijft de tocht van een zeeman naar een afgelegen dorpje in zuidelijk Argentinië. De film begint aan boord van een groot zeeschip, dat op weg is naar de stad Ushuaia in Vuurland. Een van de matrozen aan boord, de ervaren Farrel (Juan Fernandez), komt uit het gebied en verzoekt de kapitein om toestemming om van boord te gaan, zodat hij zijn moeder kan opzoeken. Hij heeft haar al ruim twintig jaar niet meer gezien en heeft geen idee of ze nog in leven is. De kapitein laat hem gaan en Farrel begint - te voet en hartje winter - aan een barre tocht door Patagonië. Nu en dan krijgt hij een lift in een truck; geen overbodige luxe in het barre, koude en bergachtige gebied. Hij houdt zich warm met alcohol en het is niet voor het eerst in zijn leven dat hij naar de fles grijpt. Eenmaal aangekomen in zijn geboortedorp treft hij zijn moeder, hulpbehoevend en stervende. Maar zij is niet het enige familielid dat hij twintig jaar geleden achterliet... Het verhaal kent sterke overeenkomsten met 'Los Muertos', waarin een ex-gedetineerde op zoek ging naar zijn enige overgebleven familielid, zijn dochter. Al speelde dat verhaal zich in de jungle af in plaats van het magische, besneeuwde landschap van Patagonië.
De overeenkomsten tussen beide films zijn niet toevallig. Alonso schreef het script van 'Liverpool' namelijk in de periode dat hij met 'Los Muertos' de filmfestivals afstruinde. ,,Het idee voor de film was al oud. Al in 2005 had ik het script liggen, maar toen kreeg ik het geld niet bij elkaar om te draaien. Om toch bezig te zijn heb ik de low-budgetfilm 'Fantasma' in de tussentijd gemaakt." Inmiddels kwam het nodige geld binnen uit het buitenland. Onder meer Spanje, Frankrijk en Duitsland schoten Alonso te hulp. Ook de Nederlandse producente Ilse Hughan droeg haar steentje bij. "Dit is het enige soort film dat ik wil maken. Er zijn nog maar weinig makers die pure cinema maken, die met beelden het verhaal vertellen en je niet van het begin tot het einde bij de hand nemen. Daar is geen grote markt voor. Ik kan dit alleen maar doen omdat ik van mijn grootvader een groot huis heb geërfd," aldus Hughan in een interview met De Volkskrant. Mede dankzij haar steun kon Alonso zijn film in 2008 presenteren op het Filmfestival van Cannes.
Kenmerkend voor het werk van Lisandro Alonso is dat hij niet zijn karakters maar de locatie centraal stelt. De camera beweegt niet mee met de personages, waardoor het kan voorkomen dat ze soms gewoon het beeld uitlopen en het perspectief van de film verandert. "De karakters zijn voor mij vooral een excuus om onbekende plekken te laten zien. Als ik heb bedacht dat ik ergens wil filmen, verblijf ik er een paar weken of maanden om te zien hoe de mensen daar leven, waar ze het over hebben, of ze überhaupt wel met elkaar spreken. Ik kies graag het gezichtspunt van iemand die ergens na lange tijd terugkeert, iemand voor wie die plek tegelijk bekend en vreemd is." In het afgelegen Vuurland kreeg Alonso het gevoel dat de mensen die daar wonen zich ergens voor verschuilen. Dat geldt ook voor hoofdfiguur Farrel, die rondloopt met een verleden waaraan hij eigenlijk niet herinnerd wil worden. Hoofdrolspeler Juan Fernandez weet als geen ander hoe de gemiddelde Vuurlander in elkaar steekt: Alonso vond hem op locatie, toen hij aan het werk was met een sneeuwschuiver.
De stille, verlaten en overweldigende landschappen van zuidelijk Argentinië lenen zich uitstekend voor een typische Alonso-film. Of het gemoedsvolle en intense maar ook bijzonder trage 'Liverpool' een groot publiek zal aanspreken, valt te betwijfelen. Hoewel de film - net als het eerdere werk van Alonso - relatief kort is, zal een deel van het filmpubliek hem wellicht als traag en vervelend ervaren en vinden dat er weinig 'gebeurt' is zijn werk. In zijn nog korte carrière heeft Alonso echter ook genoeg fans verzameld, mensen die de minimalistische genialiteit van zijn film 'Los Muertos' onderkennen. Voor hen biedt 'Liverpool' een boeiende hernieuwde kennismaking met de nog jonge regisseur die al heel duidelijk zijn eigen stijl heeft weten te ontwikkelen. |